Veelgestelde vragen
FGA: Algemeen
- een geldige identiteitskaart;
- een medisch attest afgeleverd door de huisarts dat ten vroegste drie maanden voor de start van de fysieke proeven is opgesteld en dat verklaart dat je in staat bent de fysieke proeven af te leggen.
- Een bachelordiploma (of gelijkwaardig) als je wil deelnemen aan het FGA middenkader, een masterdiploma (of gelijkwaardig) als je wil deelnemen aan het FGA hoger kader. Voor het FGA basiskader heb je geen diploma nodig, maar als je een secundair diploma hebt, kan je hiermee vrijgesteld worden van de competentietest van het FGA basiskader.
- Belg zijn of burger van een ander land behorende tot de Europese Economische Ruimte of van Zwitserland voor het FGA basiskader of het FGA middenkader. Om deel te nemen aan de FGA-proeven op niveau van kapitein moet je Belg zijn.
- ten minste 18 jaar oud zijn;
- de burgerlijke en politieke rechten genieten;
- in orde zijn met de dienstplichtwetten;
- houder zijn van een bachelordiploma (of gelijkwaardig) het FGA middenkader. Houder zijn van een masterdiploma (of gelijkwaardig) van niveau A voor het FGA hoger kader.
- om te kunnen deelnemen aan de fysieke proeven moet je beschikken over een medisch attest. Dit attest moet opgemaakt worden door de huisarts ten vroegste drie maanden voor de start van de fysieke proeven en dit attest verklaart dat de kandidaat in staat is de proeven af te leggen. Dit attest dient voorgelegd te worden vóór de fysieke proeven worden afgelegd (en moet niet worden opgeladen bij de inschrijving).
FGA: De modules
De competentietest voor het basiskader bestaat uit 60 meerkeuzevragen die binnen de 90 minuten moeten worden opgelost:
- 25 vragen waarin je analytisch en logisch redeneervermogen wordt getest
- 25 vragen waarin je algemene kennis en ruimtelijk inzicht wordt getest (met hierin 5 vragen begrijpend lezen)
- 10 basisvragen over chemie en fysica
Voor een goed antwoord krijg je 1 punt. Bij een foutief antwoord wordt 1/3 punt afgetrokken. Indien je niet antwoordt, krijg je 0 punten.
De competentietest voor het middenkader bestaat uit een postbakoefening en een wetenschappelijke test.
De competentietest voor het hoger kader bestaat uit een postbakoefening, een wetenschappelijke proef en een communicatieproef.
Voorbeeldvragen van de competentietest vind je hier: Competentietest - voor het basiskader | Vrijwillige brandweer (pompier.be)
De lichamelijke geschiktheid van de kandidaten wordt beoordeeld op basis van tien onderdelen. De onderdelen A en B zijn eliminerend. Voor de testen C tot en met K moet de kandidaat in 7 van de 9 testen slagen:
- A. Looptest: 600 m lopen in 2 minuten 45 seconden.
- B. Beklimmen van de luchtladder: Beklim een autoladder van 30 m hoog in 5 minuten.
- C. Optrekken: Mannen trekken zich 5x tot aan hun voorhoofd op aan een balk. Vrouwen trekken zich op en blijven 20 seconden op kinhoogte hangen.
- D. Klauteren: Loop naar een 180 cm hoge balk, klauter erover en terug in 60 seconden.
- E. Evenwicht: Klim via een ladder op een 180 cm balk, stap over de balk, draai 180° en stap terug.
- F. Gehurkt lopen: 8 m heen en 8 m terug in 21 seconden.
- G. Opdrukken: 23 keer opdrukken.
- H. Zeil verslepen: 80 kg over 15 m heen en terug.
- I. Slang slepen: 20 m slang slepen over 15 m.
- J. Slang ophalen: slang van 20 m naar je toe trekken.
- K. Trappenloop: trap oplopen tot 22,6 m hoogte (ongeveer 7 verdiepingen).
Voorbeeldvragen van de wetenschapsproef vind je hier.
FGA: Vrijstellingen en deelname
De federale geschiktheidsproeven worden in de vorm van drie modules georganiseerd:
- module 1: de competentietest;
- module 2: de operationele handvaardigheidstest;
- module 3: de lichamelijke geschiktheidsproeven.
Na elke module ontvang je een bewijs van deelname met de vermelding of je geslaagd bent of niet geslaagd bent.
Ben je geslaagd voor competentietest van module 1 maar niet voor de operationele handvaardigheidstest van module 2, dan moet je enkel de operationele handvaardigheidstest van module 2 en de lichamelijke geschiktheidsproeven van module 3 nog afleggen.
Ben je geslaagd voor de competentietest van module 1 en de operationele handvaardigheidstest van module 2 maar niet voor de lichamelijke geschiktheidsproeven van module 3, dan moet je enkel de lichamelijke geschiktheidsproeven van module 3 nog afleggen.
Indien je beschikt over een secundair diploma, ben je vrijgesteld van de competentietest basiskader. In dat geval moet je dus niet voor de competentietest slagen.
FGA: Inschrijvingen
FGA: Solliciteren en werken bij de brandweer
Vanaf 12 jaar kan je aan de slag bij de jeugdbrandweer.
Hier vind je alles over de opleiding brandweerkadet en de jeugdbrandweer.
Wie werkt als brandweer buiten deze landen, moet de volledige federale geschiktheidsproeven afleggen om te kunnen solliciteren voor een vacature bij de brandweer.
De normale procedure blijft hier van toepassing: je moet eerst het FGA behalen om te kunnen solliciteren voor een concrete vacature.
FGA: Beroepsbrandweer vs. brandweervrijwilliger
Om de precieze voorwaarden rond woonplaats- en beschikbaarheidsverplichting te kennen, neem je best contact op met de zone of brandweerpost waar je wil werken.
FGA: Het profiel van de brandweervrijwilliger
Arbeidsvoorwaarden en verplichtingen
Daarnaast sluit de hulpverleningszone ook een bijkomende verzekering af voor het vrijwillig personeel, die een schadevergoeding voorziet in geval van tijdens de dienst opgelopen verwondingen, ziekten, of in geval van overlijden.
Zo kan het zijn dat de hulpverleningszone de voorwaarde stelt dat de brandweervrijwilliger slechts een bepaalde afstand van de kazerne woont. Dit noemen we de woonplaatsverplichting. Of er een woonplaatsverplichting geldt en hoeveel deze afstand bedraagt, verschilt per brandweerpost.
Ook kan de hulpverleningszone in de vacature een beschikbaarheidsverplichting bepalen. Dit betekent dat de kandidaat vrijwilliger tijdens de oproepbaarheidsdienst, zich voor een bepaalde periode beschikbaar stelt om opgeroepen te worden voor een interventie. De minimale beschikbaarheden worden vastgelegd in het huishoudelijk reglement van de hulpverleningszone.
Om de precieze voorwaarden rond woonplaats en beschikbaarheid te kennen, neem je best contact op met de zone waar je wil werken.
Opleiding brandweervrijwilliger
De bijscholing bij de brandweer bestaat uit de ‘voortgezette opleiding’ en de ‘permanente opleiding’. De voortgezette opleidingen zijn bedoeld om competenties die je reeds hebt, aan te vullen of te verbeteren. Je volgt deze meestal in een brandweerschool. Het gaat bv. om opleidingen over natuur- en bosbranden, gevaarlijke stoffen en hybride en elektrische voertuigen. Over een periode van vijf jaar moet je minimaal 120 uur voortgezette opleiding volgen.
De permanente opleiding bedraagt minimaal vierentwintig uur per jaar en gebeurt in je eigen post of je eigen zone. Zo leer je oefenen met het eigen materieel van de zone of op bepaalde locaties in de zone en leer je samenwerken met je directe collega’s. De zone beslist over de inhoud en het aantal uren van de permanente opleiding.
Ben je aangeworven als stagiair sergeant of stagiair kapitein, dan duurt je opleiding respectievelijk 500 uur en 748 uur.
Werken als brandweervrijwilliger
Ambulanciers bij de brandweer
Daarnaast gelden er ook andere vrijstellingen voor verpleger of verpleegsters met minstens vijf jaar ervaring in een erkende dienst voor intensieve verzorging, in een dienst voor intensieve behandeling, in een erkende functie “gespecialiseerde spoedgevallenzorg” of in een spoedgevallendienst. Deze vrijstellingen staan omschreven in artikel 20 van het KB van 13 februari 1998, hier te vinden: Koninklijk besluit van 13 februari 1998 betreffende de opleidings- en vervolmakingscentra voor hulpverleners-ambulanciers. | Civiele Veiligheid (securitecivile.be)